HOOFDSPONSOREN

DE KNOTSEMARIJ

Jubel in Knotsenburg: De Knotsemarij. 

Een beetje jaloers zijn wij altijd wel geweest op het carnaval in Den Bosch. Oeteldonk met zijn Knillis, Peer vaan den Muggenheuvel tot den Bobberd en vele carnavalisten die drie dagen hun rol spelen. Een waar volksfeest, dat ook Nijmegen zou passen. Maar, hoewel wij al heel wat jaren ‘Knotsenburg’ heten en onze Ridder hebben, missen wij zo’n overkoepelend verhaal.

Het jubel- seizoen 2009-2010 was een goede aanleiding om daar wat aan te doen. Rob Hoogveld, Harry Jansen en Gerard Brouwer gingen op verzoek van de S.O.C.N. aan de slag.

‘De Knotsemarij’ werd geboren, de eregarde van de Stadprins van Knotsenburg, met als eerste beschermheer de Ridder van Knotsenburg.

Let wel; het verhaal van de Knotsemarij is een eerste aanzet. Want wij zijn vol vertouwen, dat het verhaal in de komende jaren gaat groeien en uitgebreid gaat worden met nieuwe elementen. Zodat ook in Knotsenburg zoveel mogelijk mensen een waar carnavalspel gaan spelen. 

De Knotsemarij, het verhaal. 

Op een mooie zomeravond in augustus 1230 zag de Knotsemarij het levenslicht. Op de Waalkade. Kort daarvoor had het koning Hendrik VII behaagd om Nijmegen op te nemen in het respectabele rijtje van vrije Rijkssteden als Keulen, Aken en Mainz. 

Zoiets moet gevierd worden. Onderaan de Lindenberg meerde een Rijnlands narrenschip met de blijde boodschap aan. Nijmegen was uitgelopen om een bont gezelschap welkom te heten. Vooral de namaak-soldaten maakten indruk. Funken werden ze genoemd. Kolderieke wapenbroeders die de draak staken met macht en militair vertoon. 

Aan de ronde tafel in stadsherberg, aan de voet van het Valkhof, sloeg de vonk over. Schepenen, schutters en burgerlui vulden hier de bokalen met Rijnwijn om op het vrije Nijmegen te klinken. Afgesproken werd om met eigen gezellen de net verworven privileges “ten vuere en ten cnots” te verdedigen.    

Die knots kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Ten tijde van de Bataven gold het al als symbool voor Nijmeegse vrijheid, eigenheid en trots. Romeinen werden ermee getart. Karolingers en Merovingers namen er hun steek voor af. En nu de Duitse koning ook nog.  

Daar werd op gedronken. Nijmegen alaaf, zo galmde het onder middeleeuwse gewelven. En nog voor scheepsgezellen met een Blauwe Schuit triomfantelijk door de stad trokken was de Knotsemarij al geliefd. Een broederschap die waakt over de vrije Nijmeegse geest. Over de ziel van de stad. 

Steeds wanneer machthebbers vanuit het Valkhof de baas over de stad wilden spelen, sprong de Knotsemarij op de bres. Vooral Gelderse graven werden op hun nummer gezet. Dat gebeurde door op de Blauwe Steen een rood-zwart vaandel met twee kruisende knotsen te plaatsen en vervolgens luidkeels en massaal de canons van het vrije Nijmegen te proclameren.  

Kom je aan Nijmegen, dan kom je aan de Knotsemarij, zo luidde een canon. De adel sidderde als de “cnots op den steene” werd geplaatst en capituleerde op voorhand. Dan paradeerde de Knotsemarij met banier fier door de straten. In 1566 sloten vrijgevochten burgers zich daarbij aan. Knotsenburgers werden ze genoemd.  

Knotsenburger werd een geuzennaam. Zodanig zelfs dat uitgedaagde Hollanders het Lentse fort, van waaruit de stad eind zestiende eeuw belegerd werd, provocerend Knodsenburgh noemden. Maar wat er tijdens de Beeldenstorm ook teloor ging, de geest van de Knotsemarij bleef staande. Tot op de dag van vandaag. 

De Knotsemarij, met de ridder van Knotsenburg als beschermheer, geldt nog steeds als symbool voor de continuïteit van de Nijmeegse geschiedenis. De broederschap waakt “ten vuere en ten cnots” over de Knotsenburgse canons. Dat wil Nijmegen tijdens carnaval weten, horen en zien. Vandaar dat de Knotsemarij op 7 november 2009 geproclameerd werd tot eregarde van de stadsprins. 

De leden van de Knotsemarij 2009 



Carmen Verbeet (Kiek Ze Kieke), Flip Franssen (De Keulse Pot), Geert van Alst (De Waoterjokers), Geurt Beyerinck (De Grasschoppers), Jos van Gelder (St. Anneke), Maarten van Leth (De Blauwe Schuit), Mathijs Janssen (De Duumkes), Rody van Silfhout (De Duvelse Dertien), Theo Hendriks (Het Geberste Kruukske), Theo Rutten (’t Swerte Schaop), Vincent Verstraaten (SOCN TC). 


De 11 Knotse Canons (-slagen) 2009 - 2010.


I
9500 v. Chr. Een kronkelende Waal besluit serpentine te worden om voor altijd Nijmegen te laven.

II
2500 v. Chr. De eerste knotsdragers brouwen met sprankelend Waalwater een helder biertje.

III
14 v Chr. Dorstige Romeinen staan met brood en spelen aan de Waal en worden met gerstenat en gladiolen verwelkomd.

IV
69 n. Chr. Bataven komen met knotsen in opstand tegen Rome en vestigen de naam van Nijmegen als Knotsenburg.

V
777  Karel de Grote viert vastenavond op het Valkhof. Hij roemt het stedelijk molbier en komt daarom regelmatig terug.

VI
1247  De rood-zwarte Knotsemarij trekt met verve ten strijde tegen een opdringerig Gelre in hun Vitesse-kleuren.

VII
1566  Rond de Blauwe Steen drommen Knotsendragers samen. Kort daarop staat de Waal in vlammen.

VIII
1678  Met een gevelconcert en een vierdaagse intocht wordt de Vrede van Nijmegen uitbundig gevierd.

IX
1794  Vanuit Knodsenburg valt Nijmegen in Bourgondische handen en wordt Lodewijk Napoleon tot stadsprins geproclameerd.

X
1953  De haan kraait weer op de herbouwde Stevenstoren en Nijmegenaren willen kruupen om hem te horen slaan.

XI
1998  Knotsenburg maakt nu een omgekeerde Waalsprong en blijft hopen dat de rivier ooit bier wordt.


 

De Keulse Pot heeft een Koningin?

Het 50 jarig jubileumseizoen van de Keulse Pot had dit jaar een ongekend vroege start. Al op 1 augustus werd het seizoen met de gebruikelijke BBQ geop...